Het zijn onze Zuiderlijke buren, op nog geen 1,5 uur rijden vanaf mijn huis, maar toch valt het tegen hoe vaak ik op ontdekking ben geweest in Vlaanderen. Daar moest natuurlijk verandering in komen. Enthousiast maakte ik plannen om te gaan wandelen en mountainbiken in de Kempen, maar COVID-19 gooide tijdelijk roet in het eten. Nu het eindelijk weer kan, stond ik te popelen om de regio te gaan ontdekken.

De Volsbergseheuvel

Ik begin mijn eerste wandeling bij Bezoekerscentrum het Grote Netewoud. Het is een prachtige start, want je ziet direct dat er liefde gestoken is in het gebouw, de aankleding en de faciliteiten. Het verbaast me dan ook niet dat er zo vroeg op de vrijdagochtend al groepen kinderen lachend rondrennen en op de boomstammetjes zitten.

Kaart in de hand
Met de knooppunten in de hand op pad. Eigen foto
Informatiepaal
Het bezoekerscentrum is voorzien van alle gewenste gemakken. Eigen foto

Vanuit dit bezoekerscentrum volg ik een van de suggestielussen. Deze routes worden aanbevolen door de regio en staan duidelijk met knooppunten uitgelicht op de wandelkaart. Ook hier wordt wederom duidelijk dat er veel energie gestoken is in de plaatsing van de routes en het comfort om ze te bewandelen.

Wat mij daarnaast altijd vrolijk maakt is wanneer ik zie dat kinderen op heel veel manieren kunnen spelen en ontdekken en dat is ze hier bij het Grote Netewoud zeker gelukt. Speciaal voor hen is er onder andere het Totterpad, waarbij ze op zoek kunnen naar de otter.

Eindelijk in het bos

Voor mijn eigen wandeling van ongeveer acht kilometer, de Volsbergseheuvel, loop ik via een aantal meters in het dorp naar het bos. Zoals altijd gaat mijn hart sneller kloppen bij het aanzicht van groene boomtoppen en ik heb er zin in om weer tot rust te komen, mijn gedachten te laten verstillen en zo te genieten van deze omgeving.

Met de dennenbomen hoog boven me en de zwart glimmende bramen die weelderig langs de paden hangen lukt dat al in de eerste kilometers van de wandeling. De wandelpaden zijn makkelijk te bewandelen, maar door de vele zijpaden, kruisingen en onverwachte wendingen behoud je het gevoel van avontuur.

Het dennenbos
Het dennenbos tijdens mijn wandeling. Eigen foto

Waar ik geen rekening mee had gehouden, was de mogelijkheid om belaagd te worden door muggen. Waar ik in eerste instantie aan het genieten was van de rust, deze nieuwe omgeving en de Kempse natuur, was ik nu ook om de haverklap afgeleid door de steken op mijn armen en benen.

Ik vind het daarom ook minder erg als ik stukjes door het volgende dorp moet lopen en de wind met een briesje langs me op waait, al geniet ik er ook weer van als de geasfalteerde weg weer verandert in een zanderig pad welke ik mag volgen langs een langzaam stromend beekje. Het geheel vormt een rustige wandeling met genoeg afwisseling in de omringende natuur.

De Keiheuvelwandeling

Een tweede wandeling maak ik naast het dorp Balen, waar ik start bij Recreatie- en natuurpark de Keiheuvel. Vanaf hier wacht een wandeling op me van 11,6 kilometer, door zowel de zanderig en met heide begroeide Keiheuvel en het drassige landschap de Most.

De wandeling begint op de Keiheuvel, waar ik begroet word met kleine helderblauwe vennetjes in het midden van een zee van paarse bloemetjes, omdat de heide nu in augustus zo prachtig in bloei staat. Mijn weg vervolgt zich, nog steeds in het zand, verder door zandduinen naar een gebied met meer naaldbomen.

Na een tijdje verandert het zand in een harde weg en torenen er geen naaldbomen meer boven me uit, maar zijn het hoge huizen die het pad begeleiden. In eerste instantie heeft dat minder mijn voorkeur, maar ik ben al snel weer om als het pad afslaat naar rechts en ik het kanaal naar Beverlo mag volgen. Hier heerst rust, maar kan ik ook genieten van het feit dat andere mensen recreëren. Er zijn fietsers, wandelaars en zelfs vissers die hun geduld beproeven met een lijn in het kanaal.

Wandelen langs de oever
Wandelen langs de oever van het kanaal naar Beverlo. Eigen foto

Helaas red ik het daarna niet om ook de Most mee te nemen in mijn route, waardoor ik de op de kaart aangegeven afkorting neem en mijn route terugneem naar de Keiheuvel. Het pad is inmiddels weer omgeruild voor zand en het zweet loopt langs mijn voorhoofd. Midden op de dag in de brandende zon is het niet erg slim om door het mulle zand te banjeren met meerdere kilo’s aan camera’s op mijn rug. De volgende keer pak ik het anders aan.

Mountainbiken in Mol

Die volgende dag sta ik na het ontbijt klaar om te gaan mountainbiken in Mol. Mijn auto kan ik parkeren bij de tennisbaan en vanuit daar stap ik op de fiets. Over 35 kilometer kom ik daarbij door bos en dorpen, met ondergronden als zand, wortels, modder, gravel en het normale wegdek. Aan variatie is dan ook zeker geen gebrek in deze route en juist dat maakt het zo leuk. De route is daarbij niet extreem lastig en is dus goed voor een beginner/gemiddelde mountainbiker.

Na ongeveer 2/3e van de route te hebben gehad, kom ik uit bij een meertje (het Torfven), waar ik met plezier even pauze neem. Er hebben in de afgelopen twintig kilometer al meerdere bankjes naast het pad gestaan, maar tot op dit moment was geen enkele plek zó mooi.

Het Torfven
Het Torfven, waar ik met plezier even stop. Eigen foto: Manon Verijdt

Hier is het water net zo blauw als de lucht, de bladeren van de bomen zo groen als het gras en de bloemetjes op het water zo geel als de zon. Het toont wederom hoe divers het natuurgebied hier is en ik zou graag nogmaals een ronde mountainbiken om meer te ontdekken. Helaas eindigt voor mij de tocht echter al snel en vormt dit ook het einde van deze ontdekkingstocht door de Kempen.

Culinair genieten

Tijdens mijn verblijf in de regio mocht ik naast alle outdoor activiteiten ook genieten van de culinaire kanten van de omgeving. In de avond bezocht ik daarom het restaurant de Martino, waar ik omver werd geblazen door de intieme maar luxe sfeer. Hier voel je je op en top gast. Het personeel heeft oprecht aandacht voor de klant en denkt mee bij keuzes in het menu.

Daarnaast is de sfeer gezellig en informeel, terwijl het gevoel van kwaliteit duidelijk merkbaar is. Een duidelijke aanrader dus als je een actieve dag in deze regio wil afsluiten met goed en lekker eten. Mijn tip? Zorg voor goed gezelschap en geniet tot ’s avonds laat van de warme zomerlucht tussen de huizen.

Overnachten?

Wil je meerdere dagen van de regio genieten en ergens overnachten, dan zijn er meerdere mogelijkheden. Uit eigen ervaring kan ik de 15Inn aanraden, waar je slaapt bij een schaapsherder op een verbouwde boerderij. Via kinderkopjes rijd je hier door de poort, waarna de kittens je tegemoet komen huppelen. Je kijkt op, ruikt het vers gemaaide gras en ziet de fruitbomen in de wei. Dít is de 15Inn van buiten, maar ook bij binnenkomst valt je mond open.

Ondanks het lage plafond voelt de entree heel ruimtelijk, waarbij een traditionele houten trap direct naar boven wentelt en je uitnodigt om te gaan ontdekken. De zithoek en het ontbijtzaaltje staan beide in de open ruimte beneden, zonder dat het vol of druk voelt. De landelijke sfeer en het interieur zijn dan ook perfect afgestemd op het gebouw.

De kamers in de 15Inn zijn groot, bevatten twee heerlijke bedden, een nette en normale badkamer en daarnaast nog twee fauteuils en een klein bureau. Zelfs op een extreem regenachtige dag zou je dus op deze kamer genoeg ruimte hebben om de dag door te komen en ondanks dat ik zelf liever de buitenlucht opzoek, is dat een rustgevende gedachte.

Bruin water met brug
Het water is bruin, maar dit soort plekjes maken het geheel toch prachtig om te zien. Eigen foto: Manon Verijdt

Met dank aan Toerisme VlaanderenKempen.be – 15 Inn – de Martino.